Nieuwe campagne tegen dikkedarmkanker van start

  • 7 maart 2017

Bevolkingsonderzoek blijft sterke resultaten boeken

Het Centrum voor Kankeropsporing en de Vlaamse overheid starten morgen met de jaarlijkse sensibilisatiecampagne rond het Bevolkingsonderzoek Dikkedarmkanker. Elke twee jaar krijgen de 56- tot  74-jarige Vlamingen een uitnodiging met stoelgangtest van het Centrum voor Kankeropsporing.

Dit bevolkingsonderzoek doet het goed: in 2015 deed maar liefst 51,4% van de uitgenodigde mannen en vrouwen mee. Het totale percentage dat zich preventief laat onderzoeken op dikkedarmkanker ligt nog veel hoger (63%). Maar voldoende sensibilisatie blijft nodig, vandaar er opnieuw een campagne gelanceerd wordt via TV en advertenties op de bussen van De Lijn.

Meer kankers worden ontdekt in een vroeg stadium

Het Bevolkingsonderzoek Dikkedarmkanker boekt jaar na jaar steeds sterkere resultaten: in 2014 werden maar liefst 21% meer dikkedarmkankers gevonden dan in 2013 (5.463 diagnoses in 2013 en 6.605 diagnoses in 2014, cijfers van Stichting Kankerregister). Het goede nieuws is dat deze forse stijging bijna uitsluitend te wijten is aan de toename van het aantal dikkedarmkankers in een vroeg stadium bij 56 t.e.m. 74-jarige Vlamingen die werden uitgenodigd vanaf eind 2013.

Door het meer vroegtijdig vinden van dikkedarmkanker, is deze kanker nu ook bij mannen in Vlaanderen niet meer de derde, maar de tweede meest voorkomende kanker, na prostaatkanker. Bij vrouwen is dikkedarmkanker nog steeds de tweede meest voorkomende kanker, na borstkanker. Directeur Patrick Martens: “Deze cijfers tonen aan dat het bevolkingsonderzoek in Vlaanderen werkt: we vinden meer vroegtijdige kankers, waardoor de behandeling vaak minder ingrijpend is en de genezingskansen ook een stuk hoger liggen. Dit bevolkingsonderzoek werpt dus zeker zijn vruchten af! Jammer dat we niet iedereen bereiken, want dan zouden deze cijfers nog gunstiger zijn.”

Nog sterker inzetten op sensibilisering

63% blijkt dus in orde met vroegtijdige opsporing van dikkedarmkanker (door deelname aan het bevolkingsonderzoek of onderzoek via de arts), maar 37% dus niet. 2017 staat dus vooral in het teken van het bereiken van die 37%. Om mogelijke drempels tot deelname te verlagen, worden motieven om niet deel te nemen verder onderzocht. Door een laagdrempelige manier van communiceren, met transparantie over voor- en nadelen, hoopt het CvKO nog meer mensen te sensibiliseren om zich vroegtijdig te laten screenen op dikkedarmkanker.

Vandaar dat er ook dit jaar opnieuw een brede publiekscampagne wordt gelanceerd om personen uit de doelgroep te motiveren tot deelname aan het bevolkingsonderzoek. Er zal een boodschap van algemeen nut (BAN) te zien zijn op Eén en Canvas en advertenties gekleefd worden op de bussen van De Lijn in gemeentes waarin de participatiegraad erg laag is.

Daarnaast kunnen deelnemers sinds vorig jaar via Vitalink gegevens over de bevolkingsonderzoeken raadplegen. Men kan dit programma downloaden via www.bevolkingsonderzoek.be. Hiervoor is een eID, kaartlezer en de pincode nodig. Patrick Martens: “Op een heel eenvoudige manier kan men dan zien wanneer men de laatste uitnodiging heeft gehad, wat het resultaat was, en wanneer men een volgende uitnodiging krijgt. Ook huisartsen kunnen deze informatie van hun patiënten inzien.”

Nog werkpunten

Hoewel er door het bevolkingsonderzoek meer vroegtijdige dikkedarmkankers gevonden worden, zijn er ook nog werkpunten. Zo volgde 12,5% na een afwijkende stoelgangtest het advies om een vervolgonderzoek (coloscopie) te laten uitvoeren niet op. Poliepen (voorlopers van dikkedarmkanker) kunnen immers bloed afgeven. Dit bloed wordt gedetecteerd door de stoelgangtest, maar enkel de coloscopie achteraf geeft zekerheid.

Patrick Martens: “Dit cijfer is verontrustend. Een afwijkende stoelgangtest moet steeds opgevolgd worden door een coloscopie. Daarnaast zijn er ook (4%) die na een afwijkende stoelgangtest uit het bevolkingsonderzoek een tweede stoelgangtest via de huisarts laten doen. Dat is absoluut geen correct medisch beleid. Poliepen bloeden niet altijd, een tweede stoelgangtest die niet afwijkend blijkt, geeft een vals gevoel van gerustheid.” Het CvKO zet hierover actief in op het sensibiliseren van deelnemers en artsen, én gaat via telefonische interviews ook na waarom mensen geen coloscopie laten uitvoeren na een afwijkende test.